L'Omelette du curé anno 1800

voor 1 persoon
  • 3 grote kakelverse eieren
  • 1 goed schoongespoelde karperhom
  • 1 stuk verse tonijn zo groot als een kippenei
  • 1 sjalot, ragfijn gesnipperd
  • 50 g koude boter
  • peper en zout
    • voor de beurre-maitre-d' hotel:
  • 150 g koude boter
  • ½ bosje fijngehakte bladpeterselieblaadjes en eenzelfde hoeveelheid
  • fijngehakte bieslook
  • citroensap
  • peper en zout

Hak de tonijn en de karperhom ragfijn en doe ze met de sjalot en boter in een koekenpan.
Bak alles op zacht vuur tot alle boter is gesmolten en licht begint te kleuren.
Meng de ingrediënten voor de beurre-maitre-d'hotel en strijk de boter gelijkmatig uit over de bodem van een passende (ca. 20 x 10 cm) diepe schaal.
Zet de schaal op een warme plaats zodat deze wordt voorverwarmd en de boter zacht wordt.
Klop de eieren los en roer het tonijnmengsel erdoor, bak hiervan een "baveuse" omelet.
Klap hem dubbel en leg hem op de boter in de schaal, serveer direct.
Voeg een lepel toe aan het bestek zodat er bij elke hap wat van de smeltende boter over de omelet geschept kan worden.

Receptuur: Jean Brillat-Savarin.
Bewerkt en vertaald: Tonny Leeflang - Wondergem ©

Terug