Ragout van hoevekip en Noordzeegarnaal, tuinboontjes en cantharellen

ragout2 (1K)

  • 1 hoevekip
  • 500 g ongepelde Noordzeegarnalen
  • 1 selder
  • 2 wortelen
  • 1 ui
  • peterselie
  • kruiden
  • 100 g tuinbonen
  • 100 g cantharellen (paddestoelen)
  • 1 bosje basilicum
  • boter
  • 1 glas room
  • peper en zout

Snij de selder, wortelen, ajuin en peterselie in stukken.
Doe in een kookpot met wat water, peper en zout en breng aan de kook.
Voeg de kip toe en laat 20 minuten koken.
Haal de kip er uit en laat afkoelen.
Maak het kippenvlees los en verdeel in dikke gelijke stukken.
Zeef het kookvocht.
Breng een deel aan de kook, doe de tuinbonen in het vocht en laat koken tot ze gaar zijn.
Laat de rest van het kookvocht tot een derde inkoken.
Voeg een paar klontjes boter en de opgeklopte room toe.
Bak de cantharellen in een weinig boter en doe ze in de saus.
Leg de stukken kippenvlees op de borden en schik de tuinbonen erop.
Verdeel de garnalen over de borden en lepel de saus erover.
Werk af met een paar blaadjes basilicum.

Cantharel
Trechtervormige, gele tot oranjerode paddestoel.

Bron: KIP lekker

Terug