Balkenbrij (de moderne variant)

  • 125 g kalfsnier in blokjes
  • 125 g kalfslever in blokjes
  • 125 g kalfsborstvlees in blokjes
  • 7 g rommelkruid
  • 2 theel. anijszaad
  • 3 kruidnagels
  • 1 mespunt nootmuskaat
  • de kaantjes van 40 g uitgesmolten varkensreuzel
  • zout & peper
  • 90 g boekweitmeel
  • 40 g vetspek in dobbelsteentjes
  • 8 in stukjes gesneden augurkjes
  • bloem en reuzel

Zet het kalfsvlees op met 3 liter water, het rommelkruid, het anijszaad, de kruidnagels, peper, zout en nootmuskaat en laat het 1 uur zachtjes koken.
Voeg dan de lever en de niertjes toe en laat nog eens een halfuur zachtjes koken.
Schep het vlees met een schuimspaan uit de pan en maal het samen met de kaantjes in de keukenmachine fijn.
Zeef het kookvocht.
Doe de vleesmassa terug in het kookvocht, breng het opnieuw aan de kook en voeg al roerend het boekweitmeel toe.
Blijf roeren tot een stevige brij ontstaat.
Voeg de augurken en de spekblokjes toe en meng alles goed door elkaar.
Neem de balkenbrij van het vuur, stort de massa in een langwerpige schaal, terrinevorm of cakeblik en laat afkoelen en verder opstijven.
Snijd de balkenbrij in plakken van ± 1½ cm dik, wentel die door de bloem en bak ze in de reuzel goudbruin.

Terug