Frikadel van verse suikermaïs

  • korrels van 6 à 7 suikermaïskolven
    (rissen, pletten of even door een molen halen)
  • 2 eetl. fijngesneden selderij
  • 1 à 2 eieren (van te voren even klutsen)
  • 3 eetl. gepelde, rauwe garnalen
  • 3 sjalotjes
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 theel. gemalen koriander (zaad)
  • ½ theel. komijnpoeder (djintan)
  • 2 kemirinoten
  • een stukje kencur (geurig wortelkruid)
  • een beetje trassi
  • peper/zout naar smaak
  • plantaardige olie om de frikadelletjes in te bakken

De geplette maïskorrels, fijngesneden selderij en geklutste eieren bij elkaar doen in een ruime kom.
De overige kruiden en gepelde rauwe garnalen, behalve de peper en zout, in een blender grofmalen.
Vervolgens de gemalen kruiden toevoegen aan het mengsel van de maïskorrels, peper en zout naar smaak erbij doen en de massa goed omscheppen.
De frikadelletjes kunnen het beste in een koekepan (met tefallaag) gebakken worden.
Een dun laagje olie in de pan is al voldoende en lepel voor lepel (gewenste grootte van de frikadel eerst bepalen en er een geschikte lepel voor gebruiken).
De frikadelletjes op een niet te hoog vuur gaar laten bakken.
Om het garen wat te bevorderen kan er een deksel (een doorzichtig deksel is ideaal hiervoor) worden gebruikt.
Het omleggen van de frikadelletjes moet ook voorzichtig gebeuren om ze heel te laten.

Tips
Voordat je de hele pan vol frikadelletjes legt, probeer je eerst een kleintje uit op smaak/lukken.
Als de frikadelletjes uiteenspatten kun je dit verhelpen door er een extra ei en/of wat maizenapoeder erbij te doen; alles moet dan weer goed omgeschept worden voordat je met bakken verder gaat.

Als je niet van trassi houdt, dan kun je dit ook eventueel weglaten.
De garnalen moeten er dan echt wel bij (gekookte garnalen kunnen voor dit gerecht ook gebruikt worden).

Het vuur niet te hoog houden, anders is de kans groot dat de frikadelletjes heel snel bruin zijn, maar de maïskorrels nog niet goed gaar.

Bron: Mijn receptenboek
Gepubliceerd door: De Wassende Maan

Terug